Discussion:
longartsen zijn sadisten
(te oud om op te antwoorden)
Hein 2018
2018-07-10 16:22:03 UTC
Permalink
hein kan het beamen laatste keer dat er geprikt werd in polsslagader
mislukte het drie keer. de vierde keer in andere pols was raak.

https://www.artsenauto.nl/gemeen/


Longartsen zijn stiekem de gemeenste dokters van het hele ziekenhuis. Je
zou het niet direct verwachten. De gemiddelde longarts is toch
behoorlijk invoelend en wellevend; iemand die van een grapje houdt,
misschien, maar nooit ten koste van zijn patiënten.

Toch blijf ik bij mijn standpunt – en dat zit ’m in een heel klein
spuitje: de arteriële bloedgas. Hiermee wordt onder meer het zuurstof-
en koolzuurgehalte in het bloed bepaald, wat een graadmeter voor de
werking van de longen is. Het is dus begrijpelijk dat de longarts deze,
vrij simpele, bepaling regelmatig laat uitvoeren.

Maar zoals de longarts stiekem de meest gemene dokter van het hele stel
is, is de arteriële bloedgas de meest venijnige aller bloedafnames. Aan
zijn uiterlijk zou je het opnieuw niet afzien. Een dun naaldje op een
net zo dun spuitje. Slechts een halve milliliter bloed neem je er mee
af, wat veel minder is dan bij de meeste andere bloedafnames. De crux
zit hem in de afnameplaats: de polsslagader. Een prik op die plek is
pijnlijk. Heel pijnlijk.

U zult begrijpen dat je een patiënt, alvorens hem aan zo’n vervelende
ingreep te onderwerpen, goed uit moet leggen wat je van plan bent en
waarom. Ik vertel dus altijd keurig dat ik het zuurstof en koolzuur in
het bloed wil meten en dat de meest betrouwbare methode om dat te doen
een pijnlijke prik inhoudt. Over het algemeen zijn patiënten dan best
begripvol – tot je daadwerkelijk begint met prikken.

Een patiënt met COPD (chronische obstructieve longziekte) is dan vaak
wel weer een geval apart. Zij komen zo vaak bij de longarts dat ze als
het ware gewend zijn geraakt aan diens gemene trekjes. Voor een bloedgas
draaien de meeste COPD’ers hun hand dan ook niet meer om.

Zo ook mevrouw L. Ze ziet me al aankomen met het spuitenbakje. “Komt u
voor mij?”

Ik knik, toch altijd weer een beetje beducht als ik iemand zo doelbewust
moet pijnigen. “Ik ben bang van wel, mevrouw. Ik wil een bloedgas
prikken. Hebben ze dat weleens eerder bij u gedaan?”

Haar antwoord is zo verrassend dat ik mijn serieuze blik niet kan
vasthouden: “Ja, hoor. Dat heeft de dokter vorige keer ook gedaan.
Daarmee kunt u de zuurkool in mijn bloed meten, hè?”

Ik zie geen enkele kans om haar te corrigeren, maar de vraag of ze er
ook worst bij heeft, weet ik net op tijd in te slikken
R.Phillips
2018-07-10 18:07:36 UTC
Permalink
Post by Hein 2018
hein kan het beamen laatste keer dat er geprikt werd in polsslagader
mislukte het drie keer. de vierde keer in andere pols was raak.
https://www.artsenauto.nl/gemeen/
Longartsen zijn stiekem de gemeenste dokters van het hele ziekenhuis. Je
zou het niet direct verwachten. De gemiddelde longarts is toch
behoorlijk invoelend en wellevend; iemand die van een grapje houdt,
misschien, maar nooit ten koste van zijn patiënten.
Toch blijf ik bij mijn standpunt – en dat zit ’m in een heel klein
spuitje: de arteriële bloedgas. Hiermee wordt onder meer het zuurstof-
en koolzuurgehalte in het bloed bepaald, wat een graadmeter voor de
werking van de longen is. Het is dus begrijpelijk dat de longarts deze,
vrij simpele, bepaling regelmatig laat uitvoeren.
Maar zoals de longarts stiekem de meest gemene dokter van het hele stel
is, is de arteriële bloedgas de meest venijnige aller bloedafnames. Aan
zijn uiterlijk zou je het opnieuw niet afzien. Een dun naaldje op een
net zo dun spuitje. Slechts een halve milliliter bloed neem je er mee
af, wat veel minder is dan bij de meeste andere bloedafnames. De crux
zit hem in de afnameplaats: de polsslagader. Een prik op die plek is
pijnlijk. Heel pijnlijk.
U zult begrijpen dat je een patiënt, alvorens hem aan zo’n vervelende
ingreep te onderwerpen, goed uit moet leggen wat je van plan bent en
waarom. Ik vertel dus altijd keurig dat ik het zuurstof en koolzuur in
het bloed wil meten en dat de meest betrouwbare methode om dat te doen
een pijnlijke prik inhoudt. Over het algemeen zijn patiënten dan best
begripvol – tot je daadwerkelijk begint met prikken.
Een patiënt met COPD (chronische obstructieve longziekte) is dan vaak
wel weer een geval apart. Zij komen zo vaak bij de longarts dat ze als
het ware gewend zijn geraakt aan diens gemene trekjes. Voor een bloedgas
draaien de meeste COPD’ers hun hand dan ook niet meer om.
Zo ook mevrouw L. Ze ziet me al aankomen met het spuitenbakje. “Komt u
voor mij?”
Ik knik, toch altijd weer een beetje beducht als ik iemand zo doelbewust
moet pijnigen. “Ik ben bang van wel, mevrouw. Ik wil een bloedgas
prikken. Hebben ze dat weleens eerder bij u gedaan?”
Haar antwoord is zo verrassend dat ik mijn serieuze blik niet kan
vasthouden: “Ja, hoor. Dat heeft de dokter vorige keer ook gedaan.
Daarmee kunt u de zuurkool in mijn bloed meten, hè?”
Ik zie geen enkele kans om haar te corrigeren, maar de vraag of ze er
ook worst bij heeft, weet ik net op tijd in te slikken
Mijn vrouw had 2 maanden geleden dit dingetje aan.
https://www.gelderlander.nl/nijmegen/radboudumc-neemt-levensreddende-polsband-in-gebruik~a78813ab/106604407/

Alles wat je wil weten volcontinu 12 uur per dag en een keer per dag
wisselen na te zijn geijkt. Via WIFI naar de server en de arts kan tijdens
zijn andere werk even controleren hoe het gaat. Niemand wordt 's nachts
wakker gemaakt om bloeddruk en andere mooie dingen te meten.

Ader aanprikken? Wie denk je? Een anesthesist die dat dagelijks meermalen
doet. Een keer. En ping, het infuuus zit.

Die longarts van Hein moet dit dingetje maar invoeren.

R

Loading...